a Zeede ( 3 )
En dan die rare Bergse woorden!
Troost u, slechts een handjevol is origineel Bergs. Dat zijn kul/kulleke, die vriendelijke aanspreking voor eigenlijk iedereen (man,vrouw,jongen,meisje) en dil/dilleke voor fiets/fietsje. Iedereen heeft in zijn/haar jeugd wel eens zo`n fiets bezeten waarvan één trapper doorsloeg, de kettingkast rammelde of het spatbord loszat. Dan had je in Bergen een "krak-dil". Er is nòg een autochtoon woord: "achteleke tietie", wat "gek"of "dwaas" betekent.
Wees echter voorzichtig met het gebruik van deze uitroep: een Krab heeft lange tenen in zijn dweilschoenen!
Hier wat woorden die nogal gangbaar zijn tijdens de Vastenavonddagen:
| Aaielòòs zijn | = Zin in iets hartigs hebben. (Bijvoorbeeld een kroket of frikandel of een frietje, zeg nooit: patat) |
| Afleggesklaar zijn | = Doodmoe zijn. (Bijvoorbeeld aan het eind van een dweilavond) |
| Ammezuur | = Hoeveelheid lucht die een blazer door zijn instrument kan blazen. Neemt af naarmate de avond vordert. |
| Bèjot! | = Uitroep van instemming. Bijvoorbeeld: "Wilde gij `n pilske?" "Bèjot!" (U nog een Biertje? Wel ja, graag!) |
| Bulle | = Uw dweilkostuum. Meestal oude, versleten maar met liefde gedragen kleren van opa/oma of overgrootouders. |
| Dikkels | = Dikwijls, vaak. "Zijd`al dikkels weggewist?" (Ben je al vaak uit geweest?) |
| Dweil | = Bij ons: vastenavendvierder die gemaskerd anderen aan het lachen maakt met onvervalste Bergse leut. Bijvoorbeeld: "Ei, lekkeren dweil, oewist?!" (Hee, leuke vastenavondvierder, hoe gaat het ermee?) |
| Dumke | = Duimpje. Als in: "Oew dumke n`aan oew neus", (de duim van de gespreide (linker-) hand aan de neus is bij ons een zeer plechtig gebaar. Wordt gedaan tijdens het spelen/zingen van het Vastenavondvolkslied Mie d`n Os. |
| Gèèf | = Gaaf/mooi . Bijvoorbeeld in: "Ge ziet `r wir gèèf uit!" (Je ziet er weer beeldig uit!) |
| Gerijke | = Wagen. Bijvoorbeeld de Prinsenwagen. |
| Ginniemand | = Helemaal niemand. Zo van: "`t Kefee is vol, mense, d`r ken ginniemand mir bij!" (Het café heeft zijn maximum capaciteit bereikt, gaat u alstublieft verder!) |
| Ieverans | = Ergens. (Mooi Antwerps woord, bewijst onze oude banden met die stad) |
| Impessant | = Ondertusse. Komt van "en passant" en dat is Frans en die hebben in 1747 onze stad lichtelijk verbouwd. |
| Jakke | = Je haasten. Bijvoorbeeld in: "Ge mot nie zo jakke en jage!" (Rustig, probeer toch te onthaasten!) |